Partnerschap in de zending
Redemptoristen en leken op weg naar elkaar

Samenvatting van de lezing uitgesproken door pater Michael Kratz C.Ss.R. tijdens de eerste lekenontmoetingsdag van de provincie St. Clemens op zondag 1 oktober in Gent (België). Zo'n 150 leken en redemptoristen uit Zwitserland, Duitsland, België en Nederland kwamen samen ten huize van de gemeenschap Effata (dat zijn 10-jarig bestaan vierde) om te vieren, elkaar te ontmoeten en na te denken over samenwerking met de Redemptoristen. In deze lezing gaf hij een brede en diepgaande kijk op de lekensamenwerking in de congregatie.


  1. Theologie is biografie – een terugblik
    Pater Kratz beschrijft zijn eigen ervaringen met leken: deze begonnen tijdens zijn onderzoek naar de missie in de "brousse" in Kongo (1965), waar hij de catechist Alfonsus leert kennen (1.1.). In 1970 begint p. Kratz in de 'diaspora' in Hessen. De redemptoristen hadden daar een huis in Wetzlar. Daar recruteerden en onderrichten zij leken om het parochieleven te vitaliseren (1.2.).

    Gedurende de jaren 1978-1985 was p. Kratz provinciaal van de Keulse provincie. De betrokkenheid van leken die in de scholen werkten (bijv. Collegium Josephinum in Bonn) maakten grote indruk op hem. Ook onderzocht hij mogelijkheden om de "Redemptorist Lay Community" (Australië) in zijn eigen provincie vorm te geven. Er waren ook leken die samenwerkten in de parochiemissies (1.3). Gedurende de periode dat p. Kratz lid was van het generaal bestuur in Rome (1985-1997) had hij de kans om overal binnen de congregatie interessante en gedurfde ervaringen van samenwerking te leren kennen. Deze waren soms positief en soms negatief (1.4).


  2. De generale kapittels
    Het is niet het generaal bestuur, maar vooral het generaal kapittel dat zich bezig heeft gehouden en nog bezig houdt met het thema samenwerking met leken. P. Kratz beschrijft de resultaten van de kapittels van 1979, 1985, 1991, 1997 en 2003. Het thema was soms controversieel. Opvallend is dat de uitdrukking 'partnerschap' in verschillende officiële vertalingen van het slotdocument van 1991 niet gelijkwaardig is vertaald.

    Het was ook in 1991 dat 'Lay Missionary of the Most Holy Redeemer' (lekenmissionaris van de Allerheiligste Verlosser) in het leven werd geroepen. Als annex aan Communicanda 4 (1996) werden de statuten voor deze status gepubliceerd.
    In 2003 waren er leken aanwezig tijdens het generaal kapittel en ze mochten ook het woord voeren.

  3. Vragen en uitdagingen
    De officiële documenten van de congregatie, zijn geschiedenis en de geschiedenis van elk lid verklaren waarom het soms moeilijk is om de samenwerking met leken te realiseren. Tot slot formuleert p. Kratz vragen m.b.t. de leken die direct met redemptoristen samenwerken (3.1) en m.b.t. tot zelfstandige groepen van leken (3.2).

Ad. 3.1. Men moet de verschillende categorieën van samenwerking met leken goed onderscheiden en niet met elkaar verwarren.
Een andere vraag die steeds naar boven komt, is die van nabijheid en afstand.
En een derde punt is: De afhankelijkheid van een project van één inspirerend en/of charismatische persoon, maakt dit zeer kwetsbaar.
En tenslotte: Wanneer een project zelfstandig komt te staan van de redemptoristen: hoe kan men garanderen dat de 'redemptoristische geest' er een plaats blijft houden?

Ad. 3.2. P. Kratz pleit voor de oprichting van onafhankelijke/autonome groepen waar binnen leken de eerste verantwoordelijkheid hebben. Hij noemt als voorbeelden de Equipes Notre-Dame (1938) et Sant'Egidio (1968) en de Gemeenschap van de Zaligsprekingen (1973).
Het is dan een eigen keuze van deze groepen om zich met de redemptoristen te associëren of niet. Maar ze zijn van harte welkom!

Conclusies
Als afsluiting enkele uitdagingen voor de toekomst:

  1. De redemptoristen hebben leken nodig - ook voor de zorg van de ouderen. We zijn met elkaar verbonden door een lotsverbondenheid.
  2. Er is veel werk te verzetten om steun van de confraters te verkrijgen voor samenwerking.
  3. Er moet worden nagedacht over de noodzaak (en mogelijkheid) van de aanwezigheid (en nabijheid) van communiteiten van redemptoristen bij onafhankelijke instituties.
  4. Onafhankelijke bewegingen van leken moeten gestimuleerd worden. Ze hoeven niet met ons verbonden te zijn, maar als ze zich bij ons willen voegen, dan zullen ze welkom zijn.
  5. Heb geduld en begrip!
    Love of mankind
    Menschenfreundlichkeit
    Amour des humains

.